-
81 lurch
n. ruk, plotselinge slinger(ing); verlies van advies--------v. in de steek laten; slingeren, plotseling opzij schietenlurch1[ lə:tsj] 〈 zelfstandig naamwoord〉♦voorbeelden:————————lurch2〈 werkwoord〉 -
82 materialize
v. realiseren; werkelijkheid worden; plotseling verschijnen; verwezenlijken; materialiseren; doen verschijnen; als materiaal beschouwenmaterialize, materialise[ mətiəriəlajz] 〈zelfstandig naamwoord: materialization〉♦voorbeelden:II 〈 overgankelijk werkwoord〉1 verwezenlijken ⇒ realiseren, uitvoeren -
83 mountain sickness
bergziekte, hoogtevrees (ziekte die bergbeklimmers of wandelaars die plotseling op hoge hoogte raken bevangt)mountain sickness -
84 move
n. zet; stap; verhuizing--------v. bewegen; verplaatsen; verhuizen; ontroeren; voorstellenmove1[ moe:v] 〈 zelfstandig naamwoord〉1 beweging3 zet ⇒ beurt, slag4 stap ⇒ maatregel, manoeuvre♦voorbeelden:get someone/something on the move • iemand/iets in beweging brengenlarge forces were on the move • grote strijdkrachten waren op de been4 make a move • opstaan 〈 van tafel〉; opstappen, het initiatief nemen; maatregelen treffen, in actie komenmake moves to stop the war • stappen ondernemen om de oorlog te staken————————move21 (zich) bewegen ⇒ zich verplaatsen, van positie/houding veranderen2 vorderen ⇒ vooruitkomen, opschieten6 verhuizen ⇒ (weg)trekken, zich verzetten7 een voorstel/verzoek doen♦voorbeelden:it's time to be moving • het is tijd om te vertrekkenmove along • doorlopen, opschietenhe moved away from her • hij ging een stapje opzijmove off! • verdwijn!, hoepel op!move over • inschikken, opschuivenmove down a road • een weg afgaanmove towards better understanding • tot een beter begrip komenthe plot moves slowly • de plot ontwikkelt zich langzaamsuddenly things began to move • plotseling kwam er leven in de brouwerijkeep moving! • blijf doorgaan!, doorlopen!the army moves off • het leger marcheert af6 they moved away • ze trokken weg/verhuisdenthey moved into a flat • ze betrokken een flat→ move about move about/, move around move around/, move down move down/, move in move in/, move on move on/, move out move out/, move up move up/II 〈 overgankelijk werkwoord〉1 bewegen ⇒ (ver)roeren, in beweging/beroering brengen3 verhuizen ⇒ vervoeren, overbrengen4 opwekken ⇒ (ont)roeren, raken, aangrijpen5 drijven ⇒ aanzetten, aansporen♦voorbeelden:1 the police moved them along • de politie dwong hen door te lopen/rijdenit moved him to laughter • het werkte op zijn lachspierenhe is moved to tears • hij is tot tranen toe geroerdbe moved to • zich geroepen voelen (om) te→ move about move about/, move around move around/, move down move down/, move in move in/, move on move on/, move out move out/, move up move up/ -
85 nab
-
86 nose-dive
-
87 oil
n. olie; vet--------v. insmeren; oliënoil1[ ojl]♦voorbeelden:1 paint in oils • in/met olieverf schilderen♦voorbeelden:1 oil of vitriol • zwavelzuur, vitrioolmineral oil • minerale olieessential/volatile oil • vluchtige oliefatty/fixed oil • vette/niet-vluchtige oliepour oil on the flames • olie op het vuur gooien, de gemoederen ophitsenpour oil on the waters/on troubled waters • olie op de golven gooien, de gemoederen bedaren1 olies ⇒ oliewaarden, petroleumaandelen————————oil2〈 werkwoord〉1 smeren ⇒ (be)oliën, insmeren, invetten♦voorbeelden: -
88 out of the blue
als een donderslag bij heldere hemelout of the blueplotseling, als een donderslag bij heldere hemel -
89 overnight
adj. 's nachts; tijdens de nacht; voor een nacht (in een hotel verblijven), overnacht--------adv. tijdens de nacht; tijdens de vooravondovernight1♦voorbeelden:————————overnight2〈 bijwoord〉1 de avond/nacht tevoren♦voorbeelden:travel overnight • 's nachts reizen -
90 overtake
-
91 peekaboo
n. verstoppertje, kinderspel waarbij men zich verstopt en plotseling te voorschijn komt en kiekeboe of boe zegt -
92 plump down
1 neerploffen ⇒ neervallen/zakkenII 〈 overgankelijk werkwoord〉1 (plotseling) neergooien ⇒ neerploffen/kwakken, laten vallen -
93 plunge
n. duik, sprong--------v. zich werpen, duikenplunge1[ plundzj] 〈 zelfstandig naamwoord〉♦voorbeelden:¶ take the plunge • de knoop doorhakken, de sprong wagen————————plunge21 zich werpen ⇒ duiken, zich storten2 (plotseling) neergaan ⇒ dalen, steil aflopen♦voorbeelden:house prices have plunged • de prijzen van de huizen zijn gekelderdII 〈 overgankelijk werkwoord〉1 werpen ⇒ (onder)dompelen, storten♦voorbeelden:he was plunged into grief • hij werd door verdriet overmand -
94 pounce on
-
95 precipitate
adj. steil; haastig; onbezonnen--------n. precipiteren; storting; aparte stof--------v. neerslaan, bezinken; (neer)storten, (neer)werpenprecipitate1[ prissippittət] 〈 zelfstandig naamwoord〉————————1 overhaast ⇒ onbezonnen, plotseling————————precipitate3[ prissippitteet]II 〈 overgankelijk werkwoord〉♦voorbeelden:1 her death precipitated him into a state of total indifference • haar dood stortte hem in een toestand van totale onverschilligheid -
96 screech
n. schreeuw, hoge gil, krijs (Slang) sterke rum van bodem van een vat (term afkomstig uit Newfoundland, Canada)--------v. schreeuwen, krijsen, gillenscreech1[ skrie:tsj] 〈 zelfstandig naamwoord〉1 gil ⇒ krijs, schreeuw♦voorbeelden:————————screech21 knarsen ⇒ kraken, piepen♦voorbeelden:1 〈 informeel〉 come to a screeching halt, screech to a halt • met gierende remmen tot stilstand komen; 〈 figuurlijk〉 plotseling ophouden♦voorbeelden: -
97 she upped and left
zij vertrok plotseling/zomaar -
98 she was suddenly disgusted at/by/with him
she was suddenly disgusted at/by/with himEnglish-Dutch dictionary > she was suddenly disgusted at/by/with him
-
99 shift one's ground
van mening wisselen————————van argument/mening veranderen -
100 shift
n. werkploeg; ; beweging; verschuiving; verandering; verwisseling; (het) overbrengen; verhuizing; list--------v. verschuiven, verplaatsen; verwisselenshift1[ sjift] 〈 zelfstandig naamwoord〉5 hemdjurk♦voorbeelden:¶ make shift • zich behelpen, zichzelf zien te reddenmake shift without • het stellen zonder————————shift21 van plaats veranderen ⇒ zich verplaatsen, schuiven3 zich redden ⇒ zich behelpen, het klaarspelen♦voorbeelden:II 〈 overgankelijk werkwoord〉1 verplaatsen ⇒ verschuiven, verzetten♦voorbeelden:shift the helm • het roer omgooien
См. также в других словарях:
Theo Jörgensmann — Theodor Franz Jörgensmann (* 29. September 1948 in Bottrop) ist ein deutscher Klarinettist, Jazz Musiker, Komponist und ein Protagonist des Modern Creative Stils. Theo Jörgensmann gehört zur zweiten Generation der europäischen Free Jazz Musiker.… … Deutsch Wikipedia
Bobsam Elejiko — Bobsam Elejiko, né le 18 août 1981 à Lagos et mort le 13 novembre 2011 à Merksem[1], est un footballeur nigérian. Biographie Cette section est vide, insuffisamment détaillée ou incomplète. Votre aide est la bienvenue ! … Wikipédia en Français
Coen van Vrijberghe de Coningh — in 1978 Born Coenraad Lodewijk Dirk van Vrijberghe de Coningh November 12, 1950(1950 11 12) Amste … Wikipedia
Bobsam Elejiko — Bob Elejiko Spielerinformationen Voller Name Bobsam Elejiko Geburtstag 18. August 1981 Geburtsort Abuja, Nigeria Sterbedatum 13. November … Deutsch Wikipedia
Kevin Strootman — (* 13. Februar 1990 in Ridderkerk) ist ein niederländischer Fußballspieler, der in der Saison 2011 beim Ehrendivisionär PSV aus Eindhoven unter Vertrag steht. Inhaltsverzeichnis 1 Karriere 1.1 Nationalmannschaft … Deutsch Wikipedia
Виринга, Йохан — Йохан Виринга Общая информация … Википедия