-
1 noteren
1 [aantekenen] note (down), make a note of ⇒ jot down, record, register, enter, book 〈 bestellingen〉, score 〈 punten〉2 [bepalen, opgeven] quote♦voorbeelden:1 een telefoonnummer noteren • jot down/make a note of a telephone number♦voorbeelden:1 het pond noteert ƒ3,35 • the pound is listed at/stands at Dfl3.035 -
2 aantekenen
1 [opschrijven] take/make a note of ⇒ note/write down, record, 〈 bijvoorbeeld in register〉 register 〈ook → link=aangetekend aangetekend〉♦voorbeelden:2 daarbij tekende hij aan, dat … • he further observed that … -
3 memoreren
-
4 optekenen
1 [te boek stellen] write/note/take down ⇒ make a note of♦voorbeelden: -
5 opmerken
v. remark, notice, observe, make notes, note -
6 een telefoonnummer noteren
een telefoonnummer noterenjot down/make a note of a telephone numberVan Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > een telefoonnummer noteren
-
7 notitie
♦voorbeelden:¶ notitie nemen van • 〈 aandacht schenken aan〉 take notice of; 〈 kennis nemen van〉 note, take note of -
8 promesse
♦voorbeelden: -
9 toon
1 [klank] tone4 [manier waarop men zich gedraagt] tone♦voorbeelden:2 een andere toon aanslaan • sing a different/another tune, change one's tuneeen halve toon • a semitone/half stepde toon aangeven • 〈 letterlijk〉 give the key; 〈 figuurlijk〉 lead/set the tone; 〈 in mode〉 set the fashioneen toon aanslaan • 〈 figuurlijk〉 be high and mighty, adopt an arrogant toneiemand een toontje lager laten zingen • bring/take someone down a peg (or two), make someone sing another tuneop hoge toon iets eisen • demand something loftily/arrogantlyop luide toon • in a loud voice, in loud tones -
10 treffen
treffen1〈 het〉2 [samenkomst] meeting3 [sport] [wedstrijd] encounter♦voorbeelden:————————treffen21 [raken] hit2 [ontmoeten, aantreffen] meet3 [met betrekking tot gevoelens] touch, affect4 [betreffen, aangaan] concern, affect5 [met ‘het’] [boffen] be lucky/in luck6 [met betrekking tot iets onaangenaams] hit, strike7 [tot stand brengen] make♦voorbeelden:1 het schot trof doel • the shot hit its mark/ 〈 van een bal ook〉went home/ 〈 figuurlijk〉 struck homegetroffen door de bliksem • struck by lightningde kogel trof haar in de borst • the bullet hit her in the chest5 je treft het (goed) • you're lucky/in luckhij had het slechter kunnen treffen met zijn werk • he could have fared worse/been worse off with his workde zwaar getroffen ouders • the distressed parentsgetroffen worden door • meet with 〈 ongelukken, rampen〉; be visited by 〈 ziekten, epidemieën〉; be involved in 〈 een faillissement〉voorbereidingen treffen • make preparations1 [(goed) uitkomen] turn out (well)♦voorbeelden:1 dat treft (goed) • what luck!, how fortunate! -
11 opmerken
2 [bemerken, de aandacht vestigen op] note, notice3 [een opmerking maken] observe, remark♦voorbeelden:2 opgemerkt dient te worden, dat • it should be noticed/noted thatopgemerkt worden • be noted, not pass unnoticedniet opmerken • miss, fail to noticeniet opgemerkt worden • pass unnoticedhet is door niemand opgemerkt • no-one noticed it, it went completely unnoticed3 mag ik misschien even iets opmerken? • may I make an observation?terloops opmerken • mention (in passing)heeft iemand nog iets op te merken over … • are there any further remarks/observations on …ik zou willen opmerken dat … • I should/would like to mention/remark that …allereerst zou ik willen opmerken dat … • first of all I should like to say that … -
12 becommentarieren
v. comment, make a remark; write an explanatory note; explain -
13 merk
n. mark, brand, make, note, print, tally -
14 van aantekeningen voorzien
v. annotate, note, make footnotes -
15 aanzetten
1 [vastmaken] put on ⇒ sew/stitch on4 [meer nadruk geven] accentuate♦voorbeelden:1 een mouw aanzetten • sew on/set in a sleeveiemand tot daden aanzetten • incite someone to actioniemand tot diefstal aanzetten • incite someone to steal♦voorbeelden:♦voorbeelden:1 (een toon) aanzetten • start/produce a tone/note -
16 akte
3 [dramaturgie, film(kunde)] act♦voorbeelden:akte van geboorte/overlijden/huwelijk • birth/death/marriage certificateakte van vennootschap/verkoop • deed of partnership/saleeen akte opmaken • draw up a deedakte opmaken van • make a record of2 een akte m.o.-Frans • ±a secondary school teaching certificate in Frenchwaarvan akte! • objection/remark/ 〈enz.〉noted! -
17 een promesse afgeven
een promesse afgevenVan Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > een promesse afgeven
-
18 mededeling
♦voorbeelden:een vertrouwelijke mededeling • a confidential statementeen mededeling aanplakken • post a noticeeen mededeling doen • make an announcement/a statementmededeling doen van iets aan iemand • inform someone of somethingingezonden mededeling • announcementeen briefje met de mededeling dat … • a note saying that … -
19 ophangen
II 〈 overgankelijk werkwoord〉2 [ter dood brengen] hang3 [figuurlijk] [vastpinnen] pin down♦voorbeelden:1 een briefje ophangen • pin up a notice/notede was ophangen • hang (out) the wash(ing)ophangen aan de muur/het plafond/een spijker • hang on the wall/from the ceiling, nail upzich ophangen (aan een balk) • hang oneself (from a rafter)3 iemand ophangen aan een uitspraak • pin someone down (to a statement), make someone answer for his words
См. также в других словарях:
make a note — index record Burton s Legal Thesaurus. William C. Burton. 2006 … Law dictionary
note — [nōt] n. [OFr < L nota, a mark, sign, character, letter < notus, pp. of noscere, to know < gnoscere, to KNOW] 1. a mark of some quality, condition, or fact; distinguishing or characteristic feature, mood, tone, etc. [a note of sadness] 2 … English World dictionary
note — Synonyms and related words: CD, Federal Reserve note, French pitch, IOU, MO, Parthian shot, accent, acceptance, acceptance bill, accidental, acknowledgment, address, adversaria, advertence, advertency, affidavit, affirmation, affix, aide memoire … Moby Thesaurus
make out — Synonyms and related words: abide by, accept, adhere to, administer, afford proof of, answer, appreciate, apprehend, ascertain, ball, be acquainted with, be apprised of, be aware of, be cognizant of, be conscious of, be conversant with, be… … Moby Thesaurus
note — I n. memorandum record 1) to make a note of (she made a note of the exact time) 2) to take note of short letter official letter 3) to compose, write a note 4) to address; deliver a note 5) to drop, send smb. a note 6) a diplomatic; protest note… … Combinatory dictionary
note — note1 [ nout ] noun count *** ▸ 1 short bit of writing ▸ 2 detailed information ▸ 3 sound/sign in music ▸ 4 feeling/thought ▸ 5 piece of paper money ▸ + PHRASES 1. ) a short letter to someone: I sent a note to Jane thanking her for the meal.… … Usage of the words and phrases in modern English
note — [[t]no͟ʊt[/t]] ♦♦ notes, noting, noted 1) N COUNT A note is a short letter. Stevens wrote him a note asking him to come to his apartment... I ll have to leave a note for Karen. Syn: message 2) N COUNT A note is something that you write down to… … English dictionary
note — 1 noun 1 TO REMIND YOU (C) something that is written down to remind you of something you need to do, say, or remember: I ll write myself a note so I don t forget to ring the bank. | She gave a brilliant speech and without any notes. | make a note … Longman dictionary of contemporary English
make — make1 [ meık ] (past tense and past participle made [ meıd ] ) verb *** ▸ 1 create/produce something ▸ 2 do/say something ▸ 3 cause something to happen ▸ 4 force someone to do something ▸ 5 arrange something ▸ 6 earn/get money ▸ 7 give a total ▸… … Usage of the words and phrases in modern English
make — I [[t]me͟ɪk[/t]] CARRYING OUT AN ACTION ♦ makes, making, made (Make is used in a large number of expressions which are explained under other words in this dictionary. For example, the expression to make sense is explained at sense .) 1) VERB You… … English dictionary
make — I UK [meɪk] / US verb Word forms make : present tense I/you/we/they make he/she/it makes present participle making past tense made UK [meɪd] / US past participle made *** Get it right: make: When make means to cause or force someone to do… … English dictionary