-
1 belasten
v. load, burden; assign, entrust; tax, impose a tariff -
2 belasten met
v. entrust with -
3 consigneren
v. consign, send, dispatch; commit, entrust, hand over -
4 opdragen
v. charge, commission, dedicate, inscribe, commend, consign, confer, entrust, intrust, devote, celebrate -
5 toevertrouwen
v. entrust, intrust, trust, confide, commit, commend, consign -
6 bekleden
1 [bedekken] cover ⇒ 〈met verf enz.〉 coat, 〈 binnenkant〉 line, 〈 lambriseren〉 wainscot, 〈 lambriseren〉 panel, 〈 voorzijde van muur ook〉 face, 〈 meubelen ook〉 upholster♦voorbeelden:een wand bekleden met jute • cover a wall with jute -
7 bewaring
3 [handhaving] keeping, preservation♦voorbeelden:in bewaring geven (aan/bij) • deposit (at/with) 〈 bank〉; entrust (to), leave (with)in bewaring nemen • take into custodyverzekerde bewaring • detention -
8 hand
1 [lichaamsdeel] hand♦voorbeelden:in andere handen komen • change handsblote handen • bare handsdie zaak is in goede/slechte handen • that matter is in good/bad handsin goede/verkeerde handen vallen • 〈 figuurlijk〉 fall into the right/wrong handsiemand de helpende hand bieden • lend someone a (helping) handniet met lege handen komen • not come empty-handed〈 figuurlijk〉 uit de losse hand • roughly, in an improvised wayiets met vaste hand doen • do something with a sure touch〈 figuurlijk〉 met vaste/krachtige hand regeren • rule with a firm/iron handhij is in veilige handen • he is in safe handsiemand (de) handen vol werk geven • give someone no end of work/troublede handen vol hebben aan iemand/iets • have one's hands full with someone/somethinghij heeft de handen meer dan vol • he has enough/too much on his platedat kost handen vol geld • that costs lots of moneyiets aan vreemde handen toevertrouwen • entrust something to strangershij heeft de handen niet vrij • he does not have a free hand〈 figuurlijk〉 de vrije hand hebben/krijgen • have/acquire a free handergens zijn handen niet aan vuil willen maken • refuse to soil one's hands with something〈 figuurlijk〉 ik draai er mijn hand niet voor om • 〈 ik heb er geen moeite mee〉 I think nothing of it; 〈 het kan me niet schelen〉 I don't care a rap (for it)iemand de hand drukken/geven/schudden • give someone one's hand, shake hands with someonedan kunnen we elkaar de hand geven • we're in the same boat〈 figuurlijk〉 iemand de hand boven het hoofd houden • 〈 aan zijn kant staan〉 stand by someone; 〈 iemand beschermen die iets misdaan heeft〉 protect someone〈 figuurlijk〉 de handen op elkaar krijgen • earn/get applause〈 figuurlijk〉 de hand op iets/iemand leggen • lay hands on someone/somethingiemands hand lezen • read someone's palmde hand lichten met het reglement • disregard the regulationselkaar de hand reiken • hold out a hand to each other 〈 ook figuurlijk〉; 〈 figuurlijk〉 reach out to each otherhanden schudden • shake handshij steekt geen/nooit een hand uit • he never does a stroke of workde hand over het hart strijken • 〈 figuurlijk〉 be lenient/soft-heartedhij kan zijn handen niet thuishouden • he can't keep his hands to himselfdaar wordt vaak de hand mee gelicht • that is often skimped/not taken seriously(mijn) hand erop! • you have/here's my hand on it!handen omhoog! (of ik schiet) • hands up!/ 〈 informeel〉stick 'em up! (or I'll shoot)handen thuis! • hands off!〈 figuurlijk〉 iets aan de hand hebben • 〈 met iets bezig zijn〉 have something going/on; 〈 bij iets betrokken zijn〉 be involved in somethingaan de hand van deze berekeningen • on the basis of these calculationsiemand een middel aan de hand doen tegen huiduitslag • put someone on to a good remedy for a rashniks aan de hand! • there's nothing the matteraan de hand van deze ervaringen concludeer ik … • in view of these experiences I conclude …iets achter de hand hebben • 〈 figuurlijk〉 have something to fall back on; 〈 heimelijk〉 have something up one's sleevewat geld achter de hand houden • keep some money for a rainy dayik heb mijn gummetje altijd vlak bij de hand • I always have my rubber near at handin de handen klappen • clap one's handsiemand iets in handen spelen • put something someone's wayiemand iets in de hand duwen/stoppen • slip/thrust something into someone's hands; 〈 figuurlijk〉 palm/fob someone off with somethingeen bewijs in handen hebben • have evidencehet onderzoek is in handen van N. • the investigation is being conducted by N.de markt in handen hebben • control/have control of the marketde politie heeft de zaak nu in handen • the police have the case in handde macht in handen hebben • have powerde toestand in de hand hebben • have the situation in handin handen vallen van de politie/de vijand • fall into the hands of the police/enemy〈 figuurlijk〉 iets met beide handen aangrijpen • jump at something; 〈 aanbod, gelegenheid ook〉 seize (upon) somethingmet de hand gemaakt/geschreven • hand-made/handwritten〈 figuurlijk〉 iemand naar zijn hand zetten • force/mould/bend someone to one's will, manage someone, twist someone round one's (little) fingeriets om handen hebben • have something to do〈 figuurlijk〉 iemand onder handen nemen • take someone in hand/to taskiemand op (de) handen dragen • 〈 figuurlijk〉 worship/idolize someonehand over hand toenemen • increase hand over fist, gain ground rapidlyiemand iets ter hand stellen • hand something (over) to someoneiets ter hand nemen • take something up, take something in hand, undertake somethinger komt niets uit zijn handen • he doesn't get anything doneuit de hand lopen • get out of handiemand het werk uit (de) handen nemen • take work off someone's handsiets van de hand doen • sell/part with/dispose of somethingvan hand tot hand gaan • be passed from hand to handgoed/duur van de hand gaan • sell well/at high prices 〈 van koopwaren〉dat is de meest voor de hand liggende conclusie • that is the most obvious conclusiongeen hand voor iemand/iets uitsteken • not lift a finger for someone/somethinghij heeft er geen hand naar uitgestoken • 〈 niets aan gedaan〉 he hasn't done a stroke of work on it; 〈 niets van gegeten〉 he hasn't touched itgeen hand voor ogen kunnen zien • 〈 figuurlijk〉 not be able to see one's hand in front of one('s face)ik heb maar twee handen! • I have only (got) one pair of hands!een verhaal van de hand van • a story (written) by3 de zieke is aan de beterende hand • the patient is on the mend/getting betteraan mijn rechter/linker hand • on my right/left (hand/side)aan de winnende hand zijn • be winning〈 figuurlijk〉 iemand op zijn hand hebben/krijgen • have/get someone on one's side¶ wat is er daar aan de hand? • what's going on there?〈 figuurlijk〉 alsof er niets aan de hand was • as if nothing had happened/was wronger is iets aan de hand • there's something the matter/upiets/iemand in de hand werken • encourage something/someone; 〈 iets ook〉 make for something; 〈 iemand ook〉 play into someone's hands〈 van personen〉 zwaar op de hand zijn • be heavy/ponderousop handen zijn • be (near) at hand/imminent/forthcomingvan de hand in de tand leven • live from hand to moutheen verzoek/voorstel van de hand wijzen • refuse a request 〈 verzoek〉; turn down a proposal 〈 voorstel〉 -
9 iets aan vreemde handen toevertrouwen
iets aan vreemde handen toevertrouwenVan Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > iets aan vreemde handen toevertrouwen
-
10 in bewaring geven (aan/bij)
in bewaring geven (aan/bij)deposit (at/with) 〈 bank〉; entrust (to), leave (with)Van Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > in bewaring geven (aan/bij)
-
11 overgeven
1 [aan iemand anders geven] hand over, deliver3 [toevertrouwen] leave, entrust♦voorbeelden:een advocaat de zaak overgeven • hand the matter over to a lawyerII 〈wederkerend werkwoord; zich overgeven〉1 [capituleren] surrender2 [zich wijden aan] dedicate, devote♦voorbeelden:zich aan de liefde overgeven • dedicate oneself to love1 [kaartspel] deal (out) again♦voorbeelden:1 hij moet overgeven • he is going to be sick/to vomit -
12 toevertrouwen
1 [met vertrouwen geven] entrust2 [in vertrouwen meedelen] confide (to)♦voorbeelden:1 dat is hem wel toevertrouwd • trust him for that, leave that to him
См. также в других словарях:
entrust — en‧trust [ɪnˈtrʌst] or intrust verb [transitive] to make someone responsible for doing something or dealing with something: entrust somebody with something • The presidentially appointed panel is entrusted with keeping the stock markets fair and… … Financial and business terms
entrust — en·trust also in·trust vt 1: to deliver something to (a person) under a charge or duty 2: to give (something) over to the care of another; specif: to deliver to a merchant who may transfer ownership to a buyer in the ordinary course of business… … Law dictionary
entrust — ► VERB 1) (entrust with) assign a responsibility to. 2) (entrust to) put (something) into someone s care … English terms dictionary
entrust — [en trust′, intrust′] vt. 1. to charge or invest with a trust or duty [entrust a lawyer with records] 2. to assign the care of; turn over for safekeeping [entrust the key to me] SYN. COMMIT entrustment n … English World dictionary
Entrust — En*trust , v. t. See {Intrust}. [1913 Webster] … The Collaborative International Dictionary of English
entrust — c.1600, from EN (Cf. en ) (1) make, put in + TRUST (Cf. trust). Related: Entrusted; entrusting … Etymology dictionary
entrust — confide, *commit, consign, relegate Analogous words: *allot, assign, allocate: *rely, trust, depend, count, bank, reckon Contrasted words: suspect, doubt (see corresponding nouns at UNCERTAINTY): mistrust, *distrust … New Dictionary of Synonyms
entrust — [v] give custody, authority to allocate, allot, assign, authorize, bank, bend an ear*, charge, commend, commit, confer, confide, consign, count, delegate, deliver, depend, deposit with, hand over, impose, invest, leave with, reckon, relegate,… … New thesaurus
Entrust — Infobox Company name = Entrust, Inc. type = Public (NASDAQ|ENTU) foundation = 1994 location city = Addison, TX location country = United States location = locations = 15 key people = F. William (Bill) Conner Chairman, President and CEO area… … Wikipedia
entrust — [[t]ɪntrʌ̱st[/t]] entrusts, entrusting, entrusted VERB If you entrust something important to someone or entrust them with it, you make them responsible for looking after it or dealing with it. [V n to n] If parents wanted to entrust their prized… … English dictionary
entrust — /ɛnˈtrʌst / (say en trust), /ən / (say uhn ) verb (t) 1. to invest with a trust or responsibility; charge with a specified office or duty involving trust. 2. to commit as if with trust or confidence: to entrust one s life to a frayed rope.… …