-
81 bril
2 [van wc] lunette♦voorbeelden:een sterke bril • des lunettes à verres épaiszijn bril afzetten • retirer ses lunettesdeze bril blijft goed zitten • ces lunettes tiennent bienzijn bril opzetten • mettre ses lunetteseen meisje met een bril • une fille à lunettes -
82 chapiter
♦voorbeelden:weer op hetzelfde chapiter komen • (en) revenir à son sujetover dat chapiter • sur ce chapitre -
83 dood
dood1〈de〉♦voorbeelden:een natuurlijke dood sterven • mourir de mort naturelleeen zachte dood • une mort douceaan de dood ontkomen • échapper à la mortiemand de dood injagen, insturen • envoyer qn. à la mortergens de dood vinden • trouver la mort qp.ten dode (toe) opgeschreven zijn • être un homme mortiemand ter dood brengen • mettre à mort, exécuter qn.iemand ter dood veroordelen • condamner qn. à mortgetrouw tot in de dood • fidèle jusqu'à la mortals de dood voor (van) iets zijn • avoir une peur bleue de qc.om de (dooie) dood niet! • jamais de la vie!〈 spreekwoord〉 de een zijn dood is de ander zijn brood • le malheur des uns fait le bonheur des autres————————dood21 mort♦voorbeelden:1 wat een dooie boel! • (ce que) c'est mort, ici!een dode hoek • un angle morteen dooie vent • un type pas drôledode vingers • doigts gourdsdood of levend • mort ou vifdood en begraven • mort et enterréplotseling dood blijven • mourir subitementzich dood houden • faire le mortiemand dood steken • tuer qn. d'un coup de couteaumeer dood dan levend • plus mort que vifik ben half dood van de kou • je suis à moitié mort de froidiemand voor dood laten liggen • laisser qn. pour morthij is op sterven na dood • il est à deux doigts de la mort→ link=broertje broertjezich dood vervelen • s'ennuyer à mourirzich dood werken • se tuer au travail -
84 ergens meer komen
ergens meer komen -
85 ertoe
1 en 〈vervangt bepaling met ‘de’〉⇒ y 〈vervangt bepaling met ander voorzetsel; blijft onvertaald wanneer het met ‘ertoe’ aangeduide verderop in de zin staat〉♦voorbeelden:¶ wat doet het ertoe? • qu'est-ce que ça fait? -
86 flater
♦voorbeelden:een geweldige flater slaan • gaffer lourdement -
87 geen
1 [niet één enkele] ne ( …) pas un⇒ ne ( …) aucun2 [niet de geringste hoeveelheid; niet het geringste aantal] ne ( …) pas (de, du)3 [niet 'n] ne pas … de ⇒ 〈 bij ontkenning van aard〉ne pas … un, une, des4 [als ontkenning zonder meer] point de♦voorbeelden:1 geen woord of …! • pas un mot ou …!hij zwemt als geen ander • il nage comme pas unik wil geen andere jas dan deze • je ne veux pas d'autre manteau que celui-cigeen van allen • aucun d'entre euxgeen recht hebben iets te doen • ne pas avoir le droit de faire qc.er zijn bijna geen sigaretten meer • il n'y a presque plus de cigaretteseen kind van nog geen drie jaar • un enfant d'à peine trois ansgeen enkele reden hebben om te • n'avoir aucune raison de -
88 geheel
geheel1〈 het〉♦voorbeelden:het geheel is groter dan elk van zijn delen • le tout est plus grand que la partieéén geheel vormen met • faire un tout avecde bevolking in zijn geheel • la population dans sa totalitétwee maatschappijen tot één geheel samenvoegen • fondre deux sociétés en une seulein het geheel niet • pas du toutover het geheel genomen • dans son ensemble————————geheel21 〈 bijvoeglijk naamwoord〉 entier 〈v.: entière〉⇒ tout 〈+ lidwoord + zelfstandig naamwoord enkelvoud〉 〈 bijwoord〉 tout à fait⇒ entièrement♦voorbeelden:de gehele stad • toute la villeeen gehele week • toute une semaineik voel mij een geheel ander mens • je me sens tout autreeen plan geheel opgeven • renoncer définitivement à un projetzijn vermogen geheel verkwisten • gaspiller toute sa fortunegeheel anders • complètement différentgeheel of gedeeltelijk • en tout ou en partieniet geheel • pas tout à faitgeheel niet • pas du touthij was geheel in 't zwart • il était tout en noirgeheel en al • complètement -
89 gelijkstellen
-
90 geluid
♦voorbeelden:verdachte geluiden • bruits suspectseen zacht geluid • un bruit douxhet geluid (van een radio) zachter zetten • baisser le son d'un postede sneeuw dempte het geluid van zijn voetstappen • la neige feutrait ses pasgeluid geven • produire un soneen geluid voortbrengen • émettre un soner zit in die viool een mooi geluid • ce violon a une bonne sonorité -
91 gezicht
♦voorbeelden:zijn gezicht komt me bekend voor • son visage me dit qc.zover het gezicht reikt • à perte de vuehet gezicht verliezen • perdre la vueop het eerste gezicht • à première vueop het eerste gezicht iets spelen • jouer qc. à vueiemand uit het gezicht verliezen • perdre qn. de vuedat is geen gezicht! • ça ne ressemble à rien!ik zie hier allemaal bekende gezichten • je suis ici en pays de connaissanceeen lelijk gezicht • un visage ingrathij heeft een sympathiek gezicht • il a une bonne têteergens zijn gezicht laten zien • faire acte de présenceiemand strak in het gezicht kijken • regarder qn. en facede zon schijnt mij in het gezicht • j'ai le soleil dans la figureiets (recht) in iemands gezicht zeggen • dire qc. en face à qn.iemand in zijn gezicht uitlachen • rire au nez de qn.iemand in het gezicht spuwen • cracher à la figure de qn.iemand op zijn gezicht geven, slaan • casser la figure à qn.op zijn gezicht krijgen • se faire casser la figureiemand van gezicht kennen • connaître qn. de vueiets van iemands gezicht aflezen • lire qc. sur le visage de qn.een gek gezicht trekken • faire une drôle de têtehij zet een lang, zuur gezicht • il fait une tête de six pieds de longmet een nors gezicht • l'air bourruhij trok een somber gezicht • son regard s'assombriteen stalen gezicht • un visage impassibleeen vies gezicht trekken • faire le dégoûtéeen vreemd gezicht opzetten • faire une drôle de têteje had zijn gezicht moeten zien! • si tu avais vu la tête qu'il faisait!gezichten trekken • faire des grimacesiemand met twee gezichten • une personne à deux visageseen gezicht als een oorwurm • une tête d'enterrement→ link=liefde liefdezijn gezicht verliezen • perdre la face -
92 granietachtig
-
93 gunnen
1 [verlenen, toestaan] accorder2 [zonder nijd zien dat een ander iets heeft] se réjouir (de)♦voorbeelden:iemand alle goeds gunnen • vouloir du bien à qn.〈 ironisch〉 ik gun je de pret! • (je te souhaite) bien du plaisir!dat is je gegund! • tu le mérites bien! -
94 harnas
♦voorbeelden:in het harnas • armé pour la lutteiemand tegen zich in het harnas jagen • se mettre qn. à dosiemand tegen een ander in het harnas jagen • monter qn. contre qn. d'autre -
95 hout
♦voorbeelden:van dik hout zaagt men planken • 〈 niet fijntjes〉 on force la dose!; 〈 flink pak slaag〉 on n'y va pas de main morte!in hout graveren • graver sur bois〈 Algemeen Zuid-Nederlands〉 niet meer weten van welk hout pijlen maken • ne plus savoir à quel saint se vouer -
96 jasje
-
97 kant
♦voorbeelden:aan de andere kant van de rivier • de l'autre côté de la rivièreaan de andere kant van de stad • à l'autre bout de la villede goede kant van een stof • l'endroit d'un tissuzich van zijn goede, ongunstige kant laten zien • se montrer à son avantage, désavantagehet leven van de goede kant opnemen • prendre la vie du bon côtéeen goede kant hebben • avoir du bonop zijn rechter kant slapen • dormir sur le côté droitiemands sterke kanten • les (points) forts de qn.de verkeerde kant van een stof • l'envers d'un tissu〈 figuurlijk, schertsend〉 aan de verkeerde kant van de vijftig zijn • être du mauvais côté de la cinquantainealles van de zonnige kant bekijken • voir tout en roseiemand aan zijn kant krijgen • mettre qn. de son côtéaan deze kant van de rivier • de ce côté-ci de la rivièreaan de ene kant …, aan de andere kant • d'un côté …, de l'autre (côté)aan de andere kant • d'autre partaan iemands kant staan • être du côté de qn.het recht aan zijn kant hebben • avoir le droit pour soiaan de kant zitten waar de klappen vallen • être du côté où pleuvent les coupshij is aan één kant doof • il est sourd d'un côtévan uw kant • de votre côté2 iets met kant afzetten • border qc. de dentelleaan de kant van de weg staan • être au bord de la routeaan de kant! • du large!de ene kant tegen de ander • bord à borddeze kant op, alstublieft • par ici, s'il vous plaîtwe komen binnenkort jullie kant op • nous passerons bientôt du côté de chez vouswelke kant ga jij op? • de quel côté vas-tu?moet jij ook die kant uit? • tu vas aussi de ce côté-là?naar alle kanten • dans tous les azimutsdat is de kant van Haarlem op • c'est du côté de Haarlemvan alle kanten • de toutes partsdat hoor je van alle kanten • on entend dire cela de tous côtésgeen kant meer op kunnen • être coincéaan de late kant • sur le tardvan de verkeerde kant zijn • en êtrewij van onze kant • quant à nouszet je zorgen aan de kant • oublie tes soucisiets aan kant maken • ranger qc.dat kan ik niet over mijn kant laten gaan • je ne peux pas accepter celaiets over zijn kant laten gaan • laisser glisser qc.zich van kant maken • se suicideriemand van kant maken • liquider qn.dat klopt van geen kanten • ça n'a ni queue ni têtedat deugt van geen kant • ça ne vaut pas un pet (de lapin)→ link=dubbeltje dubbeltje -
98 kastanje
-
99 kuil
♦voorbeelden:1 〈 spreekwoord〉 wie een kuil graaft voor een ander, valt er zelf in • tel est pris qui croyait prendre -
100 licht
licht1〈 het〉♦voorbeelden:licht van de maan • (le) clair de lune〈 figuurlijk〉 iets in een ander licht zien • voir qc. sous un jour nouveaubij mist groot licht • par temps de brouillard, allumez vos pharesvals licht • faux jourin het volle licht komen te staan • apparaître au grand jourhet licht aandoen • allumer (la lumière)er brandde nog licht op de studeerkamer • le bureau était encore allumé〈 figuurlijk〉 nu gaat mij een licht op! • j'y suis!met gedimde lichten • les phares mis en codehet licht uitdoen • éteindre (la lumière)dat werpt een nieuw licht op de zaak • cela jette un jour nouveau sur l'affaire〈 figuurlijk〉 je hoeft geen licht te zijn om … • il ne faut pas être une lumière pour …iets aan het licht brengen • révéler qc.aan het licht komen, treden • être révéléin (het) licht baden • être vivement éclairé〈 figuurlijk〉 nu komt er licht in de zaak • maintenant, l'affaire commence à devenir clairemet de lichten knipperen • faire des appels de pharesiets tegen het licht houden • tenir qc. à la lumière; 〈 figuurlijk〉 regarder qc. de plus prèsdoor rood licht rijden • griller un feu rouge————————licht2♦voorbeelden:licht arrest • arrêts simpleslichte cavalerie • cavalerie légèreeen lichte opmaak • un maquillage discreteen lichte verbetering • un léger mieuxlicht aangeschoten zijn • être un peu éméchélicht alcoholische dranken • boissons faiblement alcooliséeslicht glooiende helling • pente doucelicht aanraken • effleureriets licht(jes) opvatten • prendre qc. à la légèrelicht slapen • dormir d'un sommeil légertwaalf pond lichter worden • maigrir de six kilosde lichte partijen van een schilderij • les clairs d'un tableaulichte tabak • tabac blondhet wordt al licht • il commence à faire jourlicht ontvlambare stoffen • matières facilement inflammableslicht verteerbaar voedsel • aliments légersdat is licht te begrijpen • cela se comprend aisémentdat zal niet licht vergeten worden • on ne l'oubliera pas facilementmen zou licht gedacht hebben dat … • on aurait facilement pu penser que …
См. также в других словарях:
Ander — Ander. Der, die, das andere, ein Wort, welches überhaupt genommen, alsdann gebraucht wird, wenn nur von zwey Dingen die Rede ist, da es denn dem Worte ein entgegen gesetzt wird. Es bezeichnet aber Ein Ding von zweyen, entweder schlechthin, oder… … Grammatisch-kritisches Wörterbuch der Hochdeutschen Mundart
Ander — Saltar a navegación, búsqueda Para el nombre vasco, véase Ander (nombre). Ander Título Ander Solicita una imagen para este artículo … Wikipedia Español
Ander — Saint Flour. Caractéristiques Longueur 36 1 km Bassin 310 km2 Bassin collecteur … Wikipédia en Français
Ander — ist der Name mehrerer Personen: Alfred Ander (1873–1910), letzter Mensch, der in Schweden hingerichtet wurde Alois Ander (1821–1864), böhmischer Tenor und Opernsänger Charlotte Ander (1902–1969), deutsche Schauspielerin Geografische Begriffe: Ort … Deutsch Wikipedia
ander — Adj std. (8. Jh.), mhd. ander, ahd. ander, as. ōđar Stammwort. Aus g. * anþara Adj. ander , auch in gt. anþar, anord. annarr, ae. ōđer, afr. ōther. Dieses aus ig. * antero (oder * ontero ) in ai. ántara , lit. añtras der andere . Gegensatzbildung … Etymologisches Wörterbuch der deutschen sprache
ander — ander: Das gemeingerm. Für und Zahlwort mhd., ahd. ander, got. anÞar, engl. other, aisl. annar beruht mit verwandten Wörtern in anderen idg. Sprachen auf einer alten Komparativbildung, und zwar entweder zu der idg. Demonstrativpartikel *an »dort« … Das Herkunftswörterbuch
ander — ander. = male (см.). (Источник: «Англо русский толковый словарь генетических терминов». Арефьев В.А., Лисовенко Л.А., Москва: Изд во ВНИРО, 1995 г.) … Молекулярная биология и генетика. Толковый словарь.
ander — ander. См. самец. (Источник: «Англо русский толковый словарь генетических терминов». Арефьев В.А., Лисовенко Л.А., Москва: Изд во ВНИРО, 1995 г.) … Молекулярная биология и генетика. Толковый словарь.
Ander — Ander, Aloys, Tenorist, geb. 13. Okt. 1817 zu Liebnitz in Böhmen, gest. 11. Dez. 1864 im Badeort Wartenberg, ein weniger durch imponierende Stimmmittel und leidenschaftliche Darstellung als durch geschmackvollen und lyrisch innigen Vortrag… … Meyers Großes Konversations-Lexikon
Ander. — Ander., auch Anders., bei naturwissenschaftl. Namen Abkürzung für Nils Joh. Andersson (s. d.) … Meyers Großes Konversations-Lexikon
ander — ander:einandererMenschwerden:⇨bessern(II,1);inanderenUmständensein:⇨schwanger(2);einer/einsnachdemanderen,einenachderanderen:⇨nacheinander;einerdenanderenbzw.einerdemanderen:⇨einander;einmalübers/umsandere,einumdasandereMal:⇨wiederholt(1);zumander… … Das Wörterbuch der Synonyme