-
81 door de bank (genomen)
door de bank (genomen)Van Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > door de bank (genomen)
-
82 door elkaar gerekend
Van Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > door elkaar gerekend
-
83 een gewoon mens
een gewoon mensan ordinary/average personVan Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > een gewoon mens
-
84 een middelmatig cijfer
een middelmatig cijferan average Bmark/ AgradeVan Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > een middelmatig cijfer
-
85 een modaal inkomen hebben
een modaal inkomen hebbenearn a standard/an average incomeVan Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > een modaal inkomen hebben
-
86 een modaal inkomen
een modaal inkomenVan Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > een modaal inkomen
-
87 een televisie gaat gemiddeld acht jaar mee
een televisie gaat gemiddeld acht jaar meeVan Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > een televisie gaat gemiddeld acht jaar mee
-
88 geven
1 [schenken; toebrengen; toekennen; ook figuurlijk] give ⇒ 〈 geld ook〉 donate, 〈 aanreiken ook〉 hand♦voorbeelden:1 Engels/geschiedenis geven • teach English/historydat geeft een gemiddelde van 20 • you get an average of 20geef mij maar een glaasje wijn • I'll have a glass of winegeef mij maar Parijs • give me Paris (any day)kunt u me de secretaresse even geven? • would you please let me talk to the secretary?hij gaf zich de tijd niet om te eten • he didn't take time to eatje zou hem geen vijftig geven • you'd never think he was fiftykun je me het zout geven? • can/could you give/pass/hand me the salt?dat verhaal geeft te denken • that story makes you think〈 kaartspel〉 wie moet er geven? • who's deal is it?weten te geven en te nemen • know how to give and takeik zou heel wat willen geven om te weten … • I'd give a lot to know …zich helemaal aan iets geven • give oneself entirely (over) to something; throw oneself right into something 〈werk enz.〉dan geef ik er nog een autoradio bij • I'll throw in a car radio tooiets er aan geven • give something upgeef hier dat geld • give me that moneyiemand ervan langs geven • let someone have itdaar geef ik geen cent/geen barst om • I couldn't care less/couldn't give a damn about thathet is zaliger te geven dan te ontvangen • it is better to give than to receivehet was hem niet gegeven, zijn vader nog levend te zien • it was not (to be) given to him to see his father alive againgeef op! • (come on,) hand it over!de dokter geeft er wel wat voor • the doctor will have something for it¶ ik geef het je te doen • it's no picnic, it's not the easiest thing in the worldzich helemaal geven, alles geven • give it everything one's gothij gaf niet thuis • 〈 niet meewerken〉 he wouldn't play ball; 〈 niet reageren〉 he appeared not to notice/not to hear (me 〈enz.〉), he didn't bite1 [gesteld zijn op] be fond of2 [erg/hinderlijk zijn] matter♦voorbeelden:niets/geen cent om iemand/iets geven • not care a thing about someone/something2 wat geeft het? • what does it matter?, who cares?dat geeft niks • it doesn't matter a bit/at alldat geeft niet, hoor • it doesn't matter, it's all right -
89 gewogen gemiddelde
gewogen gemiddeldeVan Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > gewogen gemiddelde
-
90 gewogen
-
91 het gemiddelde kindertal per gezin
het gemiddelde kindertal per gezinVan Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > het gemiddelde kindertal per gezin
-
92 het gewone schouwburgpubliek
het gewone schouwburgpubliekVan Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > het gewone schouwburgpubliek
-
93 hij gaat de middelmaat niet te boven
Van Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > hij gaat de middelmaat niet te boven
-
94 iemand van gemiddelde grootte
iemand van gemiddelde groottesomeone of average/medium heightVan Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > iemand van gemiddelde grootte
-
95 ik vind het maar middelmatig
ik vind het maar middelmatigI think it's pretty average/mediocreVan Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > ik vind het maar middelmatig
-
96 inkomen
inkomen1〈 het〉♦voorbeelden:een groep met een laag inkomen • a low-income groupeen modaal inkomen • an average incomeiemand met een vast inkomen • someone with a fixed incomezijn inkomen voor de belasting opgeven • do one's tax returnsinkomen uit arbeid • earnings, wagesinkomen uit vermogen • income from capital————————inkomen22 [in/aangebracht worden] come in♦voorbeelden:ingekomen stukken/brieven/mededelingen 〈enz.〉 • incoming correspondence/letters/messages¶ daar kan ik inkomen • I (can) appreciate that, I quite understand thatdaar komt niets van in • that's out of the question -
97 kindertal
♦voorbeelden: -
98 koersgemiddelde
Van Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > koersgemiddelde
-
99 liggen
1 [uitgestrekt zijn] lie3 [zich bevinden] lie, be4 [met betrekking tot zaken] [rusten] lie6 [passen bij een aanleg/belangstelling] suit7 [met betrekking tot storm/wind] die down8 [bezig zijn] be (lying)9 [gelegerd zijn] be stationed♦voorbeelden:de sneeuw bleef niet liggen • the snow did not settlelekker tegen iemand aan gaan liggen • snuggle up to someonedure vloerbedekking hebben liggen • have expensive carpets (on the floor)〈 op grafstenen〉 hier ligt … • here lies …lig je lekker/goed? • are you comfortable?hij ligt in/op bed • he's (lying) in bedover elkaar liggen • overlap2 ik blijf morgen liggen tot half tien • I'm going to stay in bed till 9.030 tomorrowga liggen! 〈 tegen een hond〉 • lie down!op sterven liggen • lie/be dyingde toestand ligt hier anders • the situation is (quite) different herede zaken liggen nu heel anders • things have changed a lot (since then)het feit ligt er • the fact remainshet plan, zoals het er ligt, is onaanvaardbaar • as it stands, the plan is unacceptablehoe liggen onze kansen? • what are the odds?de prijzen liggen vrij hoog • the prices are rather highuw bestelling ligt klaar • your order is ready (for dispatch/collection)onze winsten liggen lager dan die van vorig jaar • our profits are less than last year'sdie dagen liggen ver achter ons • those days are long pastde zaken liggen zo: … • it's like this: …zo liggen de zaken nu eenmaal • I'm afraid that's the way things areAntwerpen ligt aan de Schelde • Antwerp lies/is (situated) on the Scheldtde vakantie ligt weer achter ons • the holidays are behind us nowde schuld ligt bij mij • the fault is minede beslissing ligt bij ons • the decision is oursde macht ligt bij het volk • power is vested with the peoplemet iemand in proces liggen • litigate with someoneonder het gemiddelde liggen • be below averagede bal ligt op de grond • the ball is on the groundop het zuiden liggen • face (the) southze liggen voor het grijpen • they're all over the placevoor mij ligt uw brief • I have before me your letterer lagen moeilijke jaren voor ons • there were hard years ahead (of us)ik heb (nog) een paar flessen wijn liggen • I have a few bottles of wine (left)het geld hebben liggen • have the money availableik heb dat boek laten liggen • I left that book (behind)ik denk dat het aan je versterker ligt • I think that it's your amplifier that's causing the troubledat lag aan verscheidene oorzaken • that was due to various causesaan mij zal het niet liggen • it won't be my faultis het nu zo koud of ligt het aan mij? • is it really so cold, or is it just me?er is mij niets aan gelegen • it doesn't matter to mehet ligt aan die rotfiets van me • it's that bloody bike of mineals het aan mij ligt zal hij daar niet blijven • he won't stay there if I can help itals het aan mij ligt niet • not if I can help itwaar zou dat aan liggen? • what could be the cause of this?het lag misschien ook een beetje aan mij • I may have had something to do with ithet kan aan mij liggen, maar … • it may be just me, but …als het aan mij lag/ligt • if it was/is up to medat genre ligt mij niet • that genre doesn't appeal to medit klimaat ligt mij niet • this climate disagrees with medie jongen ligt mij helemaal niet • I can't get on with that guyhij ligt te slapen • he's asleepliggen te zeuren • be whining/bellyachingdie zaak ligt nogal gevoelig • the matter is a bit delicatezich nergens iets aan gelegen laten liggen • not give a hoot for anythingdat ligt heel anders • that's a different story altogetherals ze dat merken lig ik eruit • if they catch on, I'm outdeze auto ligt goed in de bocht • this car takes corners welldit bed ligt lekker/hard • this bed is comfortable/(too) hardver uiteen liggen • be poles apartdeze auto ligt vast op de weg • this car holds the road well -
100 meegaan
1 [vergezellen] go along/with, accompany ⇒ come along/with3 [bruikbaar blijven] last♦voorbeelden:1 is er nog iemand die meegaat? • is anyone else coming/going?laat Peter met je meegaan • let Peter accompany/go with you2 meegaan met iemands zienswijze/voorstel • agree with someone's views/proposalmet de mode meegaan • keep up with (the) fashionik ga niet in alles met je mee • I don't agree with you in everythingtot zover kan ik met hem meegaan • I can agree/go along with him so far/up to this pointdit toestel gaat jaren mee • this machine will last for years
См. также в других словарях:
average — n Average, mean, median, norm, par denote something and usually a number, a quantity, or a condition that represents a middle point between extremes. Of these words average, mean, median, and par are also used as adjectives. Average is an… … New Dictionary of Synonyms
average — [av′ər ij, av′rij] n. [altered (by assoc. with ME average, money rent paid in place of service by the tenant with his horses < aver, draft horse) < OFr avarie, damage to ship or goods, mooring charges < OIt avaria < Ar ʿ awār, damaged … English World dictionary
average — I (midmost) adjective center, centermost, intermediate, mean, mean proportioned, medial, median, mediate, medium, mid, middle, middle class, middle grade, middlemost, middling associated concepts: average annual earnings or wages, average capital … Law dictionary
Average — Av er*age, n. [OF. average, LL. averagium, prob. fr. OF. aver, F. avoir, property, horses, cattle, etc.; prop. infin., to have, from L. habere to have. Cf. F. av[ e]rage small cattle, and avarie (perh. of different origin) damage to ship or cargo … The Collaborative International Dictionary of English
Average — Av er*age, a. 1. Pertaining to an average or mean; medial; containing a mean proportion; of a mean size, quality, ability, etc.; ordinary; usual; as, an average rate of profit; an average amount of rain; the average Englishman; beings of the… … The Collaborative International Dictionary of English
Average — Av er*age, v. i. To form, or exist in, a mean or medial sum or quantity; to amount to, or to be, on an average; as, the losses of the owners will average twenty five dollars each; these spars average ten feet in length. [1913 Webster] … The Collaborative International Dictionary of English
average — [adj1] normal, typical boilerplate*, common, commonplace, customary, dime a dozen*, everyday, fair, fair to middling*, familiar, garden*, garden variety*, general, humdrum*, intermediate, mainstream, mediocre, medium, middle of the road*,… … New thesaurus
average — ► NOUN 1) the result obtained by adding several amounts together and then dividing the total by the number of amounts. 2) a usual amount or level. ► ADJECTIVE 1) constituting an average. 2) usual or ordinary. 3) mediocre. ► … English terms dictionary
Average — Av er*age, v. t. [imp. & p. p. {Averaged} (?); p. pr. & vb. n. {Averaging}.] 1. To find the mean of, when sums or quantities are unequal; to reduce to a mean. [1913 Webster] 2. To divide among a number, according to a given proportion; as, to… … The Collaborative International Dictionary of English
avérage — 1. (a vé ra j ) s. m. Terme de commerce. La moyenne avérée, vraie, reconnue telle, et en général la moyenne. Sur trois ans l avérage a été de.... ÉTYMOLOGIE Avérer. avérage 2. (entrée créée par le supplément) (a vé ra j ) s. m. Nom, dans le… … Dictionnaire de la Langue Française d'Émile Littré
average — (del inglés; pronunciamos averás ) sustantivo masculino 1. Área: deporte Promedio, término medio: Gana el Barcelona por gol average … Diccionario Salamanca de la Lengua Española