-
1 losgemaakt
• detached -
2 losgedraaid
• detached• loosened• slackened• unscrewed -
3 alleenstaand
3 [met betrekking tot personen] single♦voorbeelden:een dansavond voor alleenstaanden • a singles' dance -
4 huis
1 [gebouw (als woning)] house2 [huisgezin] home3 [(vorstelijk) geslacht] House♦voorbeelden:huis en haard • hearth and homehet huis des Heren • the house of Godhet huis alleen hebben • have the house to oneselfeen eigen huis hebben • own one's own houseopen huis houden • have an open Bday/ Ahouseeen uitverkocht huis • a full houseeen huis vol hebben • have a housefulhij doet in/bezit huizen • he deals in/owns propertyhet ouderlijk huis verlaten, uit huis gaan • leave homehuis aan huis (verkopen) • (sell) door-to-dooraan huis gebonden • housebound, tied to one's housebezorging aan huis • home deliverydicht bij huis • near homeeen huis in een rij • a Bterraced/ Arow househuis in de stad • town houseiemand in huis hebben/nemen • have a/take in a lodgerin huis is het veel warmer • it's much warmer insidepantoffels voor in huis • slippers for indoorsniets in huis hebben • have no food/drinks in the houseik ga/moet naar huis • I'm off, I must be getting back/homemee naar huis nemen • take homenaar huis sturen • send home; 〈 arbeiders ook〉 lay off; 〈 patiënten〉 discharge; 〈 soldaten〉 demobilizeeen meisje naar huis brengen • see/take/walk a girl homeiemand uit zijn huis zetten • turn someone out (of his house)nu de kinderen het huis uit zijn • now that the children have all lefteen huis van drie verdiepingen • a three-storeyed houseik kom van huis • I have come from homedan zijn we nog verder van huis • 〈 figuurlijk〉 then we will be even worse off, that's not going to get us anywheretuin vóór het huis • front gardeneen tweede huis • a second homeLauriergracht 78 huis • Bground floor flat/Afirst-floor apartment, 78 Lauriergracht〈 figuurlijk〉 van huis uit • originally, by birthvan huis weglopen • run away from homehet Koninklijk huis • the Royal Family -
5 kap
2 [capuchon; ook van monnikspij] hood3 [bedekking] hood 〈 auto, kinderwagen〉; 〈 motorkap van auto〉 bonnet, Ahood; coping 〈 van muur〉; gauntlet 〈 van handschoen〉♦voorbeelden:de kap van een huis • roof timbersde kap van een molen • the cap of a windmilleen auto met open kap • an open-topped carmet openschuivende kap • with a sliding roofeen auto met vaste/opvouwbare kap • a car with a fixed/folding rooftwee (huizen) onder één kap • two semi-detached houses; 〈 met betrekking tot tot één huis〉 a semi-detached house -
6 losstaand
♦voorbeelden:1 een losstaand feit/huis • an isolated fact, a freestanding/detached house -
7 twee (huizen) onder één kap
twee (huizen) onder één kapVan Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > twee (huizen) onder één kap
-
8 vrijstaand
♦voorbeelden: -
9 afgescheiden
adj. separate, detached; divided, segregated; distinct, individual -
10 afstandelijk
adj. distant, unfriendly, aloof, detached -
11 alleenstaand
adj. isolated, secluded; unique; detached, separate -
12 gedetacheerd
adj. detached, not attached, separate; objective, impartial; aloof -
13 nijnagel
n. agnail, hangnail, partly detached piece of skin next to a fingernail -
14 scheidend
adj. separative, divisive, detached -
15 dat is niet los te denken van
dat is niet los te denken vanthis cannot be detached/dissociated fromVan Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > dat is niet los te denken van
-
16 een alleenstaande woning
een alleenstaande woninga free-standing/ 〈 voornamelijk Brits-Engels〉 detached houseVan Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > een alleenstaande woning
-
17 een losstaand feit/huis
een losstaand feit/huisan isolated fact, a freestanding/detached houseVan Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > een losstaand feit/huis
-
18 een vrijstaand huis
een vrijstaand huisVan Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > een vrijstaand huis
-
19 halfvrijstaand huis
halfvrijstaand huis〈 voornamelijk Brits-Engels〉 semi-detached; AduplexVan Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > halfvrijstaand huis
-
20 halve villa
halve villa
- 1
- 2
См. также в других словарях:
Detached — De*tached , a. Separate; unconnected, or imperfectly connected; as, detached parcels. Extensive and detached empire. Burke. [1913 Webster] {Detached escapement}. See {Escapement}. [1913 Webster] … The Collaborative International Dictionary of English
detached — detached; un·detached; semi·detached; … English syllables
detached — de‧tached [dɪˈtætʆt] adjective PROPERTY a house or garage that is detached is not joined to another building on any side … Financial and business terms
detached — [adj1] disconnected alone, apart, discrete, disjoined, divided, emancipated, free, isolate, isolated, loose, loosened, removed, separate, severed, unaccompanied, unconnected; concept 490 Ant. attached, combined, connected, coupled, linked, merged … New thesaurus
detached — index alien (unrelated), alone (solitary), apart, autonomous (independent), bipartite, clinical … Law dictionary
detached — aloof, uninterested, disinterested, *indifferent, unconcerned, incurious Analogous words: impartial, dispassionate, objective, unbiased, *fair: altruistic (see CHARITABLE) Antonyms: interested: selfish Contrasted words: *mercenary: concerned (see … New Dictionary of Synonyms
detached — ► ADJECTIVE 1) separate or disconnected. 2) (of a house) not joined to another on either side. 3) aloof and objective. DERIVATIVES detachedly adverb … English terms dictionary
detached — [dē tacht′, ditacht′] adj. 1. not connected; separate 2. not involved by emotion, interests, etc.; aloof; impartial SYN. INDIFFERENT detachedly adv. detachedness n … English World dictionary
detached — de|tached [dıˈtætʃt] adj 1.) not reacting to or becoming involved in something in an emotional way ≠ ↑involved ▪ Try to take a more detached view . detached from ▪ He appeared totally detached from the horrific nature of his crimes. detached… … Dictionary of contemporary English
detached — adjective 1. showing lack of emotional involvement (Freq. 4) adopted a degage pose on the arm of the easy chair J.S.Perelman she may be detached or even unfeeling but at least she s not hypocritically effusive an uninvolved bystander • Syn:… … Useful english dictionary
detached — de|tached [ dı tætʃt ] adjective * 1. ) not feeling involved with someone or something in a close or emotional way: Her face had an expression of detached amusement. detached from: Jimmy felt curiously detached from what was going on. 2. ) a… … Usage of the words and phrases in modern English