-
1 uitloop
♦voorbeelden: -
2 uitloop
1 [mogelijkheid tot meer] extension3 [opening] outlet, outflow4 [afstand, nodig om tot stilstand te komen] braking distance5 [verzekeringswezen] run-off♦voorbeelden: -
3 uitloop
сущ.общ. исток, устье, выход -
4 uitloop
n. outlet -
5 uitloop
• orifice• outfeed• outflow• outlet• run-out• slow-down -
6 met een uitloop van
met een uitloop van -
7 een uitloop tot vier jaar
een uitloop tot vier jaarVan Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > een uitloop tot vier jaar
-
8 выход
ngener. raad (из положения), uitgang (выходная дверь), uittocht, mond, uitloop, uitpad, uitweg (из положения) -
9 исток
ngener. oorsprong, uitloop -
10 устье
-
11 rank
Перевод: с нидерландского на все языки
со всех языков на нидерландский- Со всех языков на:
- Нидерландский
- С нидерландского на:
- Все языки
- Английский
- Русский
- Французский