-
1 stom
2 [geen geluid gevend; onbeklemtoond] silent4 [op toeval berustend] accidental♦voorbeelden:II 〈 bijvoeglijk naamwoord, bijwoord〉♦voorbeelden:1 door je eigen stomme schuld! • it's all your own stupid fault!ik voelde me zo stom • I felt such a foolze was zo stom om toe te stemmen • she was stupid enough to agreedat was zo stom nog niet van haar (om dat te kopen) • she could have done worse (than buy that)iets stoms doen • do something stupid(wat) stom van hem! • how stupid of him!1 [in samenstellingen] [in hoge mate] awfully, terribly -
2 stom
adj. mute, speechless, tongueless, dumb, silent, stupid, goon, vain, goosey, goofy, nitwitted, lame brain, mutton headed, wooden headed--------adv. stupidly, vainly -
3 stom toeval
stom toevalby sheer accident, quite by accident; 〈 stom geluk〉 (by) a (mere) fluke -
4 stom geluk hebben
stom geluk hebbenVan Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > stom geluk hebben
-
5 stom wijf!
stom wijf!stupid cow! -
6 (wat) stom van hem!
(wat) stom van hem!how stupid of him!Van Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > (wat) stom van hem!
-
7 dat was zo stom nog niet van haar (om dat te kopen)
dat was zo stom nog niet van haar (om dat te kopen)Van Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > dat was zo stom nog niet van haar (om dat te kopen)
-
8 die jongen is zo godvergeten stom
die jongen is zo godvergeten stomthat boy is so (god)damned/bloody stupidVan Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > die jongen is zo godvergeten stom
-
9 door stom geluk
door stom gelukby pure chance/sheer luckVan Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > door stom geluk
-
10 ik voelde me zo stom
ik voelde me zo stomVan Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > ik voelde me zo stom
-
11 toch zijn ze niet stom
Van Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > toch zijn ze niet stom
-
12 ze was zo stom om toe te stemmen
ze was zo stom om toe te stemmenVan Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > ze was zo stom om toe te stemmen
-
13 geluk
3 [prettige toevalligheid, gebeurtenis] lucky thing ⇒ piece/bit of luck, 〈 meevaller, mazzel〉 lucky break♦voorbeelden:op goed geluk (af) • on the off-chance, hoping for the beststom geluk hebben • be dead luckyzijn geluk beproeven • try one's luckdat brengt geluk • that will bring (good) luckals ze geluk heeft, haalt ze 't misschien • with (a bit of) luck/if she's lucky she might make itiemand geluk toewensen • wish someone luck/happinessdoor stom geluk • by pure chance/sheer luckgeluk hebben in het spel/de liefde • be lucky at cards/in lovehij mag van geluk spreken • he can count himself lucky, he can/may thank his lucky starsveel geluk! • good luck!dat is meer geluk dan wijsheid • that is more (by) good luck than good judgement; 〈 gezegd wanneer een beginner of onkundige slaagt of wint〉 (that's just) beginner's luckhij kon zijn geluk niet op • he couldn't get over it/was beside himself with joyhet geluk hebben • be fortunate/lucky enough (to)dat is een geluk bij een ongeluk • it could have been a great deal worsehet was zijn geluk dat hij zwemmen kon • it was lucky/a good job for him that he could swimdat was je geluk • that saved youwat een geluk dat je thuis was • a lucky thing you were (at) homeeen gelukje • a stroke of (good) luck, a windfall, a godsend -
14 toeval
1 [aanval van vallende ziekte] fit, attack ⇒ (epileptic) fit/seizure♦voorbeelden:1 een toeval krijgen • have a fit/an attackII 〈 het〉♦voorbeelden:door een ongelukkig toeval • by mischanceniets aan het toeval overlaten • leave nothing to chanceop het toeval vertrouwen • trust to luck -
15 geld
♦voorbeelden:1 je geld of je leven • your money or your life!baar geld • (hard) cashgroot geld • notes, Abillshet grote geld • (the) big money, Amegabucksklein geld • (small) changepapieren/gemunt geld • paper money, notes, Abills; 〈 gemunt〉 coin(s), specievals geld • counterfeit (money)in/met vreemd geld betalen • pay in foreign currencyzwart geld • undisclosed income, money received under the counterbulken van/zwemmen in het geld • be loaded, be rolling in money/itgeld drukken • print moneyhet geld laten rollen • spend money freelygeld moet rollen • you must keep money movingsmijten met geld • 〈 figuurlijk〉 throw one's money about/aroundgeld in iets steken • put money into somethinggeld wisselen • change moneyde waarde is niet in geld uit te drukken • you can't put a price on itwaar voor zijn geld krijgen • get value for moneygeld als water verdienen • earn big money/a packet〈 spreekwoord〉 het geld dat stom is, maakt recht wat krom is • a golden handshake is better than ten witnesses2 een smak/hoop/berg geld • bags/stacks of moneyhet is weggegooid geld! • that's a (sheer) waste of moneyiemand geld afpersen • extort money from someonegeld hebben • be well-offgeen geld hebben • be brokezij heeft geld van zichzelf • she has money of her owngelden misbruiken • misappropriate/misapply fundsdat zal zijn geld wel opbrengen • that will pay (for itself)iemand die veel geld uitgeeft • a big spendergoed in zijn geld zitten • be well offmet zijn geld geen raad weten • have money to burnmensen met geld • moneyed peoplezonder geld zitten • be out of pocket, be brokekinderen betalen half geld • children half-priceik zal het geld er gauw weer uit hebben • it will soon pay for itselfniet goed? geld terug • money refunded/back if not satisfactory, money-back guaranteehet is echt niet duur voor dat geld • its a good buyvoor geen geld ter wereld • not for love or money(dat is) geen geld! • that's a bargain! -
16 godvergeten
1 [goddeloos, slecht] wicked2 [zeer eenzaam] godforsaken♦voorbeelden:1 [in zeer hoge mate, gruwelijk] damned♦voorbeelden:1 die jongen is zo godvergeten stom • that boy is so (god)damned/bloody stupid -
17 infantiel
2 [stom, achterlijk] babyish♦voorbeelden: -
18 stomheid
2 [stomme streek; het stom zijn] stupidity♦voorbeelden:met stomheid geslagen zijn • be dumbfounded -
19 toch
1 [desondanks] nevertheless, still, yet, all the same3 [inderdaad] indeed4 [ter versterking van een uitspraak] 〈zie voorbeelden 4〉5 [uitdrukking van schrik/verbazing/ongeduld] 〈zie voorbeelden 5〉6 [nu eenmaal] anyway, anyhow7 [om aan te geven dat men bevestiging verwacht] 〈zie voorbeelden 7〉8 [immers] after all, since9 [per slot van rekening] after all, all the same♦voorbeelden:maar toch • (but) still, even sowe hebben het toch al zo moeilijk • it's difficult enough for us as it isik ben toch zo geschrokken • I got such a terrible frightwaarom toch? • why on earth?nee, dat kan toch niet! toch wel! • no, that's impossible! oh no it isn't!waar was je toch? • where on earth have you been?wat heb je toch? • what's bothering you?; 〈 sterker〉 what on earth is the matter?nu je hier toch bent • while you're here, by the way7 dat kunnen ze toch niet menen? • surely they can't be serious?ja toch? • don't you think?, surely?dat is toch belachelijk? • but that's ludicrous, isn't it? -
20 wijf
〈 informeel〉♦voorbeelden:een oud wijf • an old bageen stelletje oude wijven • a lot of old wivesstom wijf! • stupid cow!
См. также в других словарях:
stom — stom·ach·al; stom·ached; stom·ach·er; stom·ach·less; stom·achy; stom·ach; stom·ach·ful; cteno·stom·a·tous; cy·clo·stom·a·tous; neph·ro·stom; tel·eo·stom·ic; … English syllables
Stom — ist der Familienname folgender Personen: Augustin Stom, niederländischer Maler Ben Stom (1886–1965), niederländischer Fußballspieler Diese Seite ist eine Begriffsklärung zur Unterscheidung mehrerer mit demselben Wort bezeichnet … Deutsch Wikipedia
Stom — Stom, Matthias, niederländischer Maler, * Amersfoort (?) um 1600, ✝ Sizilien (?) nach 1649 (?); war um 1630 in Rom, ab 1632 in Neapel und spätestens ab 1641 auf Sizilien tätig. Stom malte religiöse Szenen im Stil Caravaggios … Universal-Lexikon
stom — var. of stam n.3 dial., stum n. and v … Useful english dictionary
STOM — Stomatin, also known as STOM, is a human gene.cite web | title = Entrez Gene: STOM stomatin| url = http://www.ncbi.nlm.nih.gov/sites/entrez?Db=gene Cmd=ShowDetailView TermToSearch=2040| accessdate = ] PBB Summary section title = summary text =… … Wikipedia
stom- — ⇒STOMAT(O) , STOM(O) , (STOMAT , STOMATO , STOM , STOMO )élém. formant Élém. empr. au gr. ( / ) et ( ) , de , « bouche », entrant dans la constr. de termes appartenant au vocab. de la méd. (qui semble privilégier la forme stomat( … Encyclopédie Universelle
stom|a|tal — «STOM uh tuhl, STOH muh », adjective. Biology. 1. having to do with or connected with a stoma or stomata; of the nature of a stoma. 2. having stomata; stomatous … Useful english dictionary
stom|a|to|pod — «STOM uh tuh pod, STOH muh », adjective, noun. –adj. of or belonging to an order of marine crustaceans having the gills on abdominal appendages. –n. a stomatopod crustacean, such as the squilla. ╂[< New Latin Stomatopoda the order name <… … Useful english dictionary
stom|a|tous — «STOM uh tuhs, STOH muh », adjective. having or furnished with stomata; stomatal … Useful english dictionary
stom|ach|a|ble — «STUHM uh kuh buhl», adjective. that can be stomached … Useful english dictionary
stom|ach|ache — «STUHM uhk AYK», noun. a pain in the stomach or abdomen … Useful english dictionary