-
1 copier
copier [kopjee]〈 werkwoord〉1 overschrijven ⇒ kopiëren, een afschrift maken van♦voorbeelden:copier son devoir sur un manuel • zijn werk uit een schoolboek overschrijvencopier sur son voisin • bij zijn buurman spiekenv1) overschrijven, kopiëren3) reproduceren [kunst]4) slaafs navolgen, nadoen -
2 inconditionnel
inconditionnel [ẽkõdiesjonnel]♦voorbeelden:= inconditionnelle; adj1) onvoorwaardelijk, totaal2) slaafs, onvoorwaardelijk volgend -
3 servile
-
4 calquer
calquer [kaalkee]〈 werkwoord〉1 overtrekken ⇒ natekenen, overnemen2 (slaafs) nabootsen ⇒ overnemen, kopiëren, imiteren♦voorbeelden:v1) overtrekken, natekenen2) overnemen, kopiëren, imiteren -
5 reptile
reptile [reptiel]〈bijvoeglijk naamwoord; ook m.〉♦voorbeelden:1 un reptile • reptiel, kruipend dier, slangm1) reptiel, slang -
6 servilement
-
7 assujettissement
assujettissement [aasuuzĵettiesmã]〈m.〉♦voorbeelden: -
8 copieur
copieur [kopjur],copieuse [kopjeuz]〈m., v.; ook bijvoeglijk naamwoord〉2 na-aper, na-aapster ⇒ iemand die (slaafs) navolgt, nadoet, namaakt3 〈alleen m.〉kopieermachine, -apparaat♦voorbeelden: -
9 l'assujettissement aux modes
l'assujettissement aux modesDictionnaire français-néerlandais > l'assujettissement aux modes
Перевод: с французского на нидерландский
с нидерландского на французский- С нидерландского на:
- Французский
- С французского на:
- Нидерландский