-
1 schakeren
1 [met afwisseling van kleur schikken] variegate2 [afwisselen] pattern♦voorbeelden:rijk geschakeerd • variegated -
2 schakeren
v. variegate, mottle, enamel -
3 nuanceren
1 [fijn onderscheid aanbrengen in] nuance ⇒ 〈 onderscheiden〉 differentiate, 〈 wijzigen〉 qualify, 〈 wijzigen〉 modify, refine -
4 schakering
1 [het schakeren] gradation, variegation2 [kleurschikking] pattern(ing)3 [verscheidenheid van een hoofdkleur] shade♦voorbeelden:3 wat een schakeringen (van) groen! • all those shades of green!
Перевод: с нидерландского на английский
с английского на нидерландский- С английского на:
- Нидерландский
- С нидерландского на:
- Все языки
- Английский
- Русский
- Французский