-
1 geestelijke
♦voorbeelden:1 geestelijke worden • enter the church/ 〈 rooms-katholiek ook〉the priesthood/ 〈 protestant〉 the ministry ; 〈 rooms-katholiek〉 take holy orders -
2 geestelijke worden
geestelijke wordenenter the church/ 〈 rooms-katholiek ook〉the priesthood/ 〈 protestant〉 the ministry ; 〈 rooms-katholiek〉 take holy ordersVan Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > geestelijke worden
-
3 jubeljaar
-
4 geloofsleer
-
5 koraal
-
6 Romeins
-
7 bedienen
1 [dienen, helpen; ook m.b.t. de horeca] servir2 [zorg dragen voor, doen functioneren] s'occuper de3 [rooms-katholiek] administrer l'extrême-onction à♦voorbeelden:de telefoon bedienen • s'occuper du téléphoneeenvoudig te bedienen zijn • être d'un maniement simpleII 〈wederkerend werkwoord; zich bedienen〉1 [gebruiken] utiliser♦voorbeelden:¶ bedien je gerust • je t'en prie, sers-toi -
8 mysterie
♦voorbeelden:een mysterie onthullen • dévoiler un mystère -
9 verering
♦voorbeelden: -
10 bedienen
1 [dienen, helpen; ook met betrekking tot de horeca] serve2 [zorg dragen voor, doen functioneren] operate♦voorbeelden:iemand op zijn wenken bedienen • wait on someone hand and footaan tafel bedienen • wait at (the) tableII 〈wederkerend werkwoord; zich bedienen〉2 [met betrekking tot de spijzen] help oneself (to)♦voorbeelden: -
11 bidden
2 [smeken] pray♦voorbeelden:vandaag wordt er gebeden voor de overledenen • today prayers are offered for the deadbidden voor/na het eten • say grace2 〈 met zwak voltooid deelwoord〉 ik heb gebid en gesmeekt om medewerking • I have begged and pleaded for cooperationwat ik u bidden mag • I pray youom een gunst bidden • beg a favor1 [met betrekking tot vogels] hover -
12 getijde
-
13 hoogwaardig
2 [rooms-katholiek] eminent♦voorbeelden:1 hoogwaardig erts/staal • high-grade ore/steel2 (Zijne) Hoogwaardige Excellentie • 〈 bisschop, aartsbisschop〉 (His) Excellency; 〈 kardinaal〉 (His) Eminence -
14 predikant
1 [protestant] clergyman, pastor; vicar, rector, parson 〈 anglicaanse Kerk〉; minister 〈in Groot-Brittannië voornamelijk in presbyteriaanse en non-conformistische kerken〉; 〈 huisgeestelijke, ook op school/universiteit; vloot/legerpredikant〉 chaplain2 [rooms-katholiek] preacher -
15 provinciaal
provinciaal1〈de〉♦voorbeelden:————————provinciaal21 [van een provincie] provincial♦voorbeelden:1 het provinciaal bestuur • the provincial government, ±Bcounty council, Acounty boardProvinciale Staten • Provincial Stateseen provinciale weg • ±a secondary road2 provinciale opvattingen • provincial/parochial views -
16 zalving
2 [geteem] unction♦voorbeelden:
Перевод: с нидерландского на все языки
со всех языков на нидерландский- Со всех языков на:
- Нидерландский
- С нидерландского на:
- Все языки
- Английский
- Французский