-
1 opvrolijken
1 cheer (someone) up ⇒ brighten (someone/something) up♦voorbeelden:een kamer met bloemen opvrolijken • brighten up a room with flowers -
2 opvrolijken
v. brighten, cheer up!, cheer, liven up, liven, light up, exhilarate, enliven, perk up, amuse, chirk, chirpy -
3 een kamer met bloemen opvrolijken
een kamer met bloemen opvrolijkenVan Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > een kamer met bloemen opvrolijken
-
4 een zieke opvrolijken
een zieke opvrolijkenVan Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > een zieke opvrolijken
Перевод: с нидерландского на английский
с английского на нидерландский- С английского на:
- Нидерландский
- С нидерландского на:
- Все языки
- Английский
- Немецкий
- Русский
- Турецкий
- Французский
- Шведский