-
1 ongebroken
-
2 ongebroken
♦voorbeelden: -
3 ongebroken
прил.общ. непревзойдённый -
4 ongebroken
adj. unbroken -
5 ongebroken trouw
ongebroken trouw -
6 ongebroken trouw
ongebroken trouwVan Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > ongebroken trouw
-
7 hun verzet was ongebroken
hun verzet was ongebrokenVan Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > hun verzet was ongebroken
-
8 непревзойдённый
adjgener. ongebroken, ongeslagen, onverbeterlijk, onovertrefbaar, onovertroffen
Перевод: с нидерландского на все языки
со всех языков на нидерландский- Со всех языков на:
- Нидерландский
- С нидерландского на:
- Все языки
- Английский
- Русский
- Французский