-
1 ongebonden
-
2 ongebonden
1 [boekwezen] unbound2 [losbandig] dissolute3 [zonder verplichtingen] 〈 zonder huwelijksverplichting〉 unattached; 〈 met betrekking tot schulden, giften〉 unconditional4 [met betrekking tot soep] thin5 [scheikunde] free♦voorbeelden: -
3 ongebonden
несвязанный, свободный; неприсоединившийся* * *прил.общ. непереплетённый", несвязанный, разгульный, свободный, безудержный, вольный -
4 ongebonden
adj. unbound, dissolute, licentious, rakish--------adv. dissolutely -
5 de ongebonden landen
de ongebonden landen -
6 de ongebonden stijl
de ongebonden stijl -
7 een ongebonden levenswijze
een ongebonden levenswijzeVan Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > een ongebonden levenswijze
-
8 безудержный
adjgener. onbedaarlijk, ongebonden -
9 вольный
adjgener. vrij, croupier, ongebonden -
10 непереплетённый
adjgener. ongebonden -
11 несвязанный
adjgener. ongebonden -
12 разгульный
adjgener. ongebonden -
13 свободный
adjgener. vrijgevochten, onverlet, ledig, leeg, onbeperkt, ongebonden, ruim, vrij, kwijt (от чего-л.), los, onbedwongen, onbelemmerd -
14 vrijgevochten
♦voorbeelden:2 een vrijgevochten boel • Liberty Hall, a go-as-you-please
См. также в других словарях:
Ungeschlagen — 1. Vngeschlagen am allerbesten. – Agricola I, 485; Petri, II, 558; Lehmann, II, 791, 100; Schottel, 1137a. Holl.: Ongeslogen (ongebonden) best. (Harrebomée, II, 137a.) 2. Vngeschlagen thut der Esel kein gut. – Petri, II, 558. *3. Ungeschlagen… … Deutsches Sprichwörter-Lexikon