-
1 onderbreken
♦voorbeelden:mag ik u even onderbreken? • may I interrupt you for a moment?iemand in zijn verhaal onderbreken • cut someone's story short -
2 onderbreken
v. interrupt, punctuate, catch up on -
3 onderbreken
• to break• to interrupt -
4 een zwangerschap onderbreken
een zwangerschap onderbreken————————een zwangerschap onderbrekenterminate a pregnancy, carry out an abortionVan Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > een zwangerschap onderbreken
-
5 iemand in zijn verhaal onderbreken
iemand in zijn verhaal onderbrekenVan Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > iemand in zijn verhaal onderbreken
-
6 iemands gedachtegang onderbreken
iemands gedachtegang onderbrekenVan Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > iemands gedachtegang onderbreken
-
7 mag ik u even onderbreken?
mag ik u even onderbreken?may I interrupt you for a moment?Van Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > mag ik u even onderbreken?
-
8 zijn reis onderbreken
zijn reis onderbrekenVan Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > zijn reis onderbreken
-
9 aborteren
1 [een zwangerschap onderbreken] abort (a pregnancy) ⇒ perform/carry out an abortion (on)♦voorbeelden: -
10 gedachtegang
♦voorbeelden:volgens deze gedachtegang • according to this line of thought/of reasoning/of argument -
11 onderbreking
1 [het onderbreken] interruption2 [pauze] break♦voorbeelden:1 urenlang praten zonder onderbreking • talk on (and on) for hours, talk nonstop -
12 storen
1 [afleiden] disturb ⇒ 〈 zich opdringen〉 intrude, 〈 onderbreken〉 interrupt, 〈onovergankelijk werkwoord ook; zich ergens mee bemoeien; radio〉 interfere♦voorbeelden:de Duitsers bleven de BBC storen • the Germans kept jamming the BBCstorend werken • be a distraction, be distractinghier kunnen we niet gestoord worden • no one will disturb us herestoort het u als ik rook? • do you mind if I smoke?stoor ik u? • am I in your way?; 〈 bij binnenkomen〉 am I interrupting (you)/intruding?niet storen! • do not disturb!iemand in zijn werk storen • disturb someone at his workiemand in zijn slaap storen • disturb someone in his sleepzich aan niets of niemand storen • be a law unto oneselfzonder zich te storen aan • without regard forstoor u niet aan die praatjes • don't listen to that gossiphij stoorde zich niet aan de waarschuwing • he ignored the warningga rustig tv kijken, stoor je niet aan mij • go ahead and watch TV, don't mind me -
13 vast
5 [onwankelbaar] firm6 [onbetwijfelbaar] fixed7 [onveranderlijk] fixed9 [compact] solid13 [niet slap] firm, solid♦voorbeelden:dat staat zo vast als een huis • it's as sure as death and taxes2 vast raken • get stuck/caught/jammedhet schip raakte vast in het ijs • the ship got stuck/caught in the ice3 vast omlijnd • definite, clear-cut4 met vaste hand • with a steady/sure handvast in de leer • firm of faithvaste inkomsten • a fixed/regular incomeeen vaste verbinding • a regular connection8 vast adres/tehuis • fixed address/settled homeeen vaste betrekking • a permanent positionde vaste kern (van het personeel) • the permanent staff9 vast voedsel, vaste spijzen • solid food/fare14 een vaste afspraak • a standing arrangement/agreementeen vast gebruik • a (set) customeen vaste regel • a fixed/set ruleII 〈 bijwoord〉1 [stellig] certainly ⇒ for certain/sure2 [alvast] for the time being/the present♦voorbeelden:vast en zeker • definitely, certainlyjij bent er vast van op de hoogte • you must have heard of it2 begin maar vast met eten • go ahead and eat/start eatingik ben maar vast begonnen • I thought I might as well start -
14 zwangerschap
♦voorbeelden:1 een zwangerschap onderbreken • terminate a pregnancy, carry out an abortiontijdens de zwangerschap • during pregnancy
Перевод: с нидерландского на английский
с английского на нидерландский- С английского на:
- Нидерландский
- С нидерландского на:
- Все языки
- Английский
- Пенджабский
- Русский
- Турецкий
- Французский
- Шведский