-
1 betrekken
♦voorbeelden:zij deden alles zonder de anderen erin te betrekken • they did everything without consulting the othersbetrokken zijn bij • be involved inniet betrokken zijn bij • have nothing to do withiets in zijn overweging betrekken • take something into considerationde politie in de zaak betrekken • bring in the policeiemand tegen zijn zin ergens in betrekken • drag someone into something2 wanneer kunnen we het huis betrekken? • when can we move into the house?onmiddellijk te betrekken • immediate occupation1 [met betrekking tot de lucht] become overcast/cloudy, cloud over -
2 trekken
1 [kracht uitoefenen op iets] pull3 [spierbewegingen maken] stretch4 [luchtstroom doorlaten] draw5 [in een richting getrokken worden] pull6 [lijken (op)] be like♦voorbeelden:aan een sigaar trekken • puff at/draw a cigarover een rivier trekken • cross a riverten strijde/te velde trekken • go into battlede kinderen trekken nogal naar hun vader • the children take more to their father2 [aantrekken] draw4 [gewichtheffen] snatch♦voorbeelden:2 publiek/kopers trekken • draw an audience/customersvolle zalen trekken • play to/draw full houses1 [in genoemde toestand/op genoemde plaats brengen] pull3 [naar zich toehalen, ook figuurlijk] draw4 [aftreksel maken van] make6 [doen ontstaan] draw7 [uit een plaats vandaan halen] get♦voorbeelden:iemand aan zijn haar trekken • pull someone's hairiemand aan zijn mouw trekken • pull (at) someone's sleeveeen horoscoop trekken • cast a horoscopelering trekken uit iets • learn (a lesson) from something〈 wiskunde〉 de wortel uit een getal trekken • find/extract the (square/cube/ 〈enz.〉 ) root of a number8 gezichten trekken • make/pull (silly) faces -
3 versnelling
2 [mechanisme] gear♦voorbeelden:2 in de hoogste/laagste versnelling rijden • drive in top/bottom (gear)in de eerste versnelling zetten • put into first gearhier moet je in een lagere versnelling terugschakelen • you have to change down hereik krijg hem niet in de versnelling • I can't get her into geareen fiets met tien versnellingen • a ten-speed bike -
4 deployeren
n. deployment, strategic positioning (of troops, a military unit, etc.)--------v. deploy, be spread out or arranged strategically (of troops, etc.); spread out; move into a position of readiness -
5 bijkomstigheid
♦voorbeelden:1 wanneer we in het nieuwe huis trekken is maar een bijkomstigheid • the date we move into the new home is of secondary consideration -
6 in een hogere versnelling schakelen
in een hogere versnelling schakelenVan Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > in een hogere versnelling schakelen
-
7 in een huis trekken
in een huis trekkenVan Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > in een huis trekken
-
8 kamer
3 [afdeling van een wetgevend lichaam] chamber, house♦voorbeelden:1 het kleinste kamertje • ‘the smallest room’mooie/beste kamer • (front) parlour, front roomop mijn kamer • in my roomkamer met ontbijt • Bed and Breakfast, B & Bde Kamer ontbinden/bijeenroepen • dissolve/convoke the House/Chamberin beide Kamers • in both Houses (of Parliament)de Eerste Kamer • the (Dutch) Upper Chamber/House; 〈 in Groot-Brittannië〉 the (House of) Lords, the Upper House; 〈 in USA〉 the Senatede Tweede Kamer • the (Dutch) Lower Chamber/House; 〈 in Groot-Brittannië〉 the (House of) Commons; 〈 in USA〉 the House (of Representatives)5 de kamers van het hart zijn de hartboezem en de hartkamer • the chambers of the heart are the atrium and the ventricle -
9 op kamers gaan wonen
Van Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > op kamers gaan wonen
-
10 wanneer kunnen we het huis betrekken?
wanneer kunnen we het huis betrekken?when can we move into the house?Van Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > wanneer kunnen we het huis betrekken?
-
11 wanneer we in het nieuwe huis trekken is maar een bijkomstigheid
Van Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > wanneer we in het nieuwe huis trekken is maar een bijkomstigheid
-
12 overgaan
2 [gaan van de ene plaats naar de andere] move (over)3 [van eigenaar veranderen] transfer, pass5 [bevorderd worden] move up6 [veranderen in] change, convert ⇒ turn7 [beginnen met, gaan gebruiken] 〈 beginnen met〉 move on to, proceed to, turn to; 〈 gaan gebruiken〉 change (over) (to), switch (over) (to)9 [in een andere stand gebracht worden] switch (over) 〈 wissels〉; 〈 in werking gebracht worden〉 be activated, go; ring 〈 van een bel〉♦voorbeelden:de brug overgaan • go over/cross (over) the bridge3 van vader op zoon overgaan • pass (down)/be handed down from father to sonvan de vierde naar de vijfde klas overgaan • move up from the fourth to the fifth formovergaan van vaste in vloeibare vorm • turn from solid into liquid formovergaan tot de orde van de dag • proceed to the order of the daytot de aanval overgaan • take the offensive, (begin to) attackovergaan tot de aanschaf van/het gebruik van … • start buying/using …overgaan tot strenge maatregelen • (decide to) take firm stepstot handelen overgaan • proceed to actiontot daden overgaan • take actionvan het ene op het andere onderwerp overgaan • switch (about) from one subject to anotherdie regenbui/het schandaal zal wel overgaan • that shower of rain/the scandal will blow over -
13 intrekken
1 [gaan inwonen (bij)] move in (with)2 [binnentrekken] enter ⇒ move/march into4 [krimpen] shrink♦voorbeelden:bij zijn vriendin intrekken • move in with one's girlfriendII 〈 overgankelijk werkwoord〉1 [achteruit/naar binnen brengen] draw in/up ⇒ retract2 [terugnemen, afschaffen] withdraw ⇒ cancel 〈 opdracht〉, abolish 〈 rechten〉, drop 〈 aanklacht〉, repeal 〈 wet〉3 [leger] withdraw4 [(vocht) in zich opnemen] soak up, absorb♦voorbeelden:een touw intrekken • pull/haul in a ropeeen benoeming (weer) intrekken • cancel an appointmenteen toelage intrekken • discontinue an allowanceeen vergunning tijdelijk intrekken • withdraw/suspend a licenceeen verlof intrekken • cancel leaveeen wetsvoorstel intrekken • withdraw a bill -
14 doorlopen
doorlopen1 [lopen door iets] walk/go/pass through2 [verder lopen] keep (on) walking/going/moving ⇒ continue walking/moving/to walk/to move, walk/go/move on3 [met betrekking tot kleuren] run5 [sneller lopen] hurry up♦voorbeelden:1 hij liep tussen de struiken door • he walked/went through the bushes2 doorlopen met een ziekte • keep going/on one's feet despite being illdoorlopen a.u.b.! • move along now, please!————————doorlopen1 [doorkruisen] walk/go/pass through3 [vluchtig lezen] run/glance through♦voorbeelden:2 alle stadia doorlopen • pass through/complete every stage3 zijn aantekeningen nog even doorlopen • run/glance briefly through one's notes again -
15 omzetten
3 [verzetten] move, shift6 [muziek] transpose (into)7 [scheikunde] convert♦voorbeelden:(voor) een miljoen omzetten • have a turnover of a millionzonlicht omzetten in elektrische energie • convert sunlight into electrical energy〈 juridisch〉 een terdoodveroordeling in levenslang omzetten • commute a sentence from death to life imprisonment -
16 inschuiven
1 [naar binnen schuiven] push/slide in2 [opschuiven] push/move up/along♦voorbeelden:2 de stoelen nog wat inschuiven • push/move the chairs up/along a bit further♦voorbeelden: -
17 omlopen
1 [om iets heen lopen, rondlopen] walk/go round2 [circuleren] go round3 [om iets heen gaan] run/go round4 [kring doorlopen] go/move round5 [verstrijken] pass (by/off)♦voorbeelden:1 een eindje omlopen • walk round the block/go for a little walkik loop wel even om • I'll go round the backII 〈 overgankelijk werkwoord〉1 [omverlopen] (run into and) knock over -
18 opschuiven
1 [opschikken om plaats te maken] move up/over ⇒ 〈 informeel〉 shift/shove up2 [met betrekking tot gebeurtenissen, verplaatst worden] shift♦voorbeelden:1 schuif wat op • move over/upAjax is opgeschoven naar de tweede plaats • Ajax has moved up into second placeII 〈 overgankelijk werkwoord〉2 [uitstellen] put off♦voorbeelden:1 schuif die boeken eens op • shift those books, will you? -
19 schuiven
2 [verplaatsen met een werktuig] shovel3 [met betrekking tot opium/roken] smoke♦voorbeelden:een stoel bij de tafel schuiven • pull up a chairiemand als kandidaat naar voren schuiven • push someone forward as a candidateiets/iemand terzijde schuiven • 〈 figuurlijk〉 brush something/someone asideiets voor zich uit schuiven • 〈 figuurlijk〉 put something off, postpone something1 [zich langs een vlak (laten) voortbewegen] slide2 [zich met een stoel verplaatsen] move/bring one's chair♦voorbeelden:zitten te schuiven • fidget (on one's chair)in elkaar schuiven • slide … into one another, telescopeschuif wat bij elkaar • move your chairs a bit closer togethermet data schuiven • rearrange dates -
20 drijven
1 [aan de oppervlakte blijven] float, drift2 [zweven] float, drift ⇒ glide♦voorbeelden:doen drijven • float〈 figuurlijk〉 de onderneming drijft op orders van het rijk • governmental orders are the mainstay of the enterprisedrijven van het zweet • be dripping with sweatII 〈 overgankelijk werkwoord〉5 [slaan] drive♦voorbeelden:de menigte uit elkaar drijven • break up the crowdde vijand uit het land drijven • drive the enemy out of the countryiemand in het nauw/een hoek drijven • drive someone to the wall/into a cornerde zaak op de spits drijven • bring the matter to a headdoor woede gedreven • driven by ragede spot met iemand drijven • make fun of someoneeen winkel drijven • run/manage a shop4 door stoom gedreven schepen • steam-driven/propelled shipsde prijzen naar omhoog/omlaag drijven • force prices up/down
- 1
- 2
См. также в других словарях:
move into — index occupy (take possession) Burton s Legal Thesaurus. William C. Burton. 2006 … Law dictionary
move into — phrasal verb [transitive] Word forms move into : present tense I/you/we/they move into he/she/it moves into present participle moving into past tense moved into past participle moved into 1) move into something to start living or operating a… … English dictionary
move into — phr verb Move into is used with these nouns as the subject: ↑settler, ↑troops Move into is used with these nouns as the object: ↑apartment, ↑area, ↑arena, ↑deficit, ↑era, ↑first, ↑flat, ↑gear, ↑ … Collocations dictionary
move into — PHRASAL VERB If you move into a new house, you start living there. [V P n] I want you to move into my apartment. We ve a spare room … English dictionary
move into something — ˌmove ˈin | ˌmove ˈinto sth derived to start to live in your new home • Our new neighbours moved in yesterday. Opp: ↑move out Main entry: ↑movederived … Useful english dictionary
move into the black — go into/move into/return to, etc. the black ► to start making a profit after losing money: »This is the biggest shopping day of the year, when retailers aim to go into the black. ► to increase in value: »The main index actually moved back into… … Financial and business terms
ˌmove ˈinto sth — phrasal verb 1) to start living or working in a place We re moving into new offices by the river.[/ex] 2) to begin a new business or a new type of business They re planning to move into publishing.[/ex] … Dictionary for writing and speaking English
move into overdrive — go/move/into overdrive phrase to become very active or excited, usually more than is necessary or healthy Production has gone into overdrive. Thesaurus: to try hard to do or get somethingsynonym Main entry: overdrive … Useful english dictionary
move into — verb to come or go into (Freq. 12) the boat entered an area of shallow marshes • Syn: ↑enter, ↑come in, ↑get into, ↑get in, ↑go into, ↑go in • Ant: ↑ … Useful english dictionary
move into — Synonyms and related words: accept, assume, attack, attempt, buckle to, embark in, embark upon, endeavor, engage in, enter on, enter upon, fall into, fall to, get under way, go about, go at, go in for, go into, go upon, have at, launch forth,… … Moby Thesaurus
go into/move into/return to, etc. the black — ► to start making a profit after losing money: »This is the biggest shopping day of the year, when retailers aim to go into the black. ► to increase in value: »The main index actually moved back into the black late afternoon. Main Entry: ↑black … Financial and business terms