Перевод: с английского на нидерландский

с нидерландского на английский

laatstgenoemd

  • 1 latter

    adj. de tweede; de voorlaatste; de vorige; later; de latere
    latter1
    [ læ] 〈voornaamwoord; the〉 formeel
    de/het laatstgenoemde 〈van twee; informeel ook van meer〉de/het tweede
    voorbeelden:
    1   Brahms and Bruckner; the latter from the South Brahms en Bruckner; de laatstgenoemde/de tweede uit het zuiden
    ————————
    latter2
    determinator formeel
    laatstgenoemd 〈van twee; informeel ook van meer〉 tweede
    laatst
    voorbeelden:
    1   the latter part of the year het tweede halfjaar
    2   in his latter years in zijn laatste/latere jaren

    English-Dutch dictionary > latter


Поделиться ссылкой на выделенное

Прямая ссылка:
Нажмите правой клавишей мыши и выберите «Копировать ссылку»