-
1 afwisseling
1 [opeenvolging] alternation♦voorbeelden:afwisseling vertonen • be variedvoor de afwisseling • for a change -
2 afwisseling
n. alternation, replacement, interchange; variation, variety, diversification, deviation -
3 afwisseling vertonen
afwisseling vertonenVan Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > afwisseling vertonen
-
4 een welkome afwisseling vormen
een welkome afwisseling vormenVan Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > een welkome afwisseling vormen
-
5 voor de afwisseling
voor de afwisselingVan Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > voor de afwisseling
-
6 bij afwisseling
adv. in turns -
7 schakeren
1 [met afwisseling van kleur schikken] variegate2 [afwisselen] pattern♦voorbeelden:rijk geschakeerd • variegated -
8 variatie
4 [muziek] variation♦voorbeelden: -
9 verandering
1 [het veranderen] change3 [wijziging] alteration♦voorbeelden:voor de verandering • for a change3 een verandering aanbrengen (in) • make an alteration/change (to)
Перевод: с нидерландского на английский
с английского на нидерландский- С английского на:
- Нидерландский
- С нидерландского на:
- Все языки
- Английский
- Немецкий
- Русский
- Турецкий
- Французский
- Шведский