-
1 p.p. от afslijten
gener. afgesletenRussisch-Nederlands Universal Dictionary > p.p. от afslijten
-
2 вытереться
zich afdrogen ; afslijten -
3 вытираться
zich afdrogen ; afslijten -
4 изнашивать
v -
5 изнашиваться
vgener. afslijten, slijten, uitslijten, verslijten -
6 обивать пороги
vgener. (у кого-л.) (iemands) drempel plat lopen, het trappehuis afslijten -
7 стаптывать
-
8 стирать
v1) gener. wissen, (резинкой) gummen, afdoen, raderen (резинкой), wassen (бельё), wegdoezelen, wegvagen, uitwassen (бельё), afschuren, afvagen, afvegen, afwrijven, doorlopen (íîãè), uitdoen (написанное), uitgommen (резинкой), uitslijten, uitvlakken, uitwissen, wegmaken, wegvegen, wegwissen2) liter. afslijten -
9 стираться
vgener. verbleken (из памяти), afslijten, verslijten, vervagen
Перевод: с русского на нидерландский
с нидерландского на русский- С нидерландского на:
- Русский
- С русского на:
- Нидерландский